Rood haar en huid
Heerlijk die zonnige dagen. Bij mij thuis betekent het wel dat de ochtend begint met een smeersessie met zonnebrand factor 50, zeker nu de kinderen vrij hebben. Ik ben drager van het gen voor rood haar, mijn vrouw is gezegend met twee niet afwijkende kopieën van het gen voor de melanocortine 1 receptor. Hoewel de kans hierop maar 12,5 procent was, hebben al mijn vier kinderen prachtig rood haar (ra ra wat klopt er niet en toch wel, onder de winnende reageerders verloot ik een bos bospeen).
Twee weken geleden waarschuwde dermatoloog en voorzitter van het huidfonds Martino Neumann dat huidkanker zo’n probleem is dat dermatologen nauwelijks toekomen aan andere ziektes. Zijn zeer rustige karakter ten spijt heeft een roodharig familielid zich nogal opgewonden over deze opmerking. Wat is het geval? Een aantal jaar geleden bleek dat zonnebrandcreme hem niet afdoende had beschermd. Een jaarlijkse behandeling met stikstof was nodig om de oppervlakkige basaalcelcarcinomen eronder te houden. Dit voorjaar verschenen er echter meer plekjes op zijn hoofd dan voorheen. De dermatoloog deelde de zorg. Maar niet gevreesd, de specialist had nu iets beters. Drie tot vier weken smeren met een zalfje en de plekjes zouden verdwijnen als sneeuw voor de zon. Een vervolgafspraak was niet nodig. Binnen drie minuten stond hij weer buiten.
Thuis ontdekte de patiënt dat fluorouracil in feite een chemokuur is. Dat had de dermatoloog ook wel even mogen zeggen (Hoezo WGBO?). En hoe lang moest hij nu smeren, drie of vier weken? Na drie weken toch maar een vervolgafspraak gemaakt.
Hoewel de afspraak om 9 uur was, arriveerde de dermatoloog pas om 10 uur. De normale gang van zaken, beweerde het ondersteundend personeel. Smeer nog maar een weekje, adviseerde de dermatoloog na een blik vanuit zijn stoel op de patiënt. Het consult was nog korter dan de vorige keer.
Toen ik aangaf zijn ervaringen wel op te willen schrijven, sputterde mijn familielid tegen. Hij maakte zich zorgen over de relatie met zijn dermatoloog. Nee, dat is er echt één om te koesteren (artsen zijn toch ook voor vrije artsenkeuze?). Daarom heb ik het hem maar niet verteld.
Twee weken geleden waarschuwde dermatoloog en voorzitter van het huidfonds Martino Neumann dat huidkanker zo’n probleem is dat dermatologen nauwelijks toekomen aan andere ziektes. Zijn zeer rustige karakter ten spijt heeft een roodharig familielid zich nogal opgewonden over deze opmerking. Wat is het geval? Een aantal jaar geleden bleek dat zonnebrandcreme hem niet afdoende had beschermd. Een jaarlijkse behandeling met stikstof was nodig om de oppervlakkige basaalcelcarcinomen eronder te houden. Dit voorjaar verschenen er echter meer plekjes op zijn hoofd dan voorheen. De dermatoloog deelde de zorg. Maar niet gevreesd, de specialist had nu iets beters. Drie tot vier weken smeren met een zalfje en de plekjes zouden verdwijnen als sneeuw voor de zon. Een vervolgafspraak was niet nodig. Binnen drie minuten stond hij weer buiten.
Thuis ontdekte de patiënt dat fluorouracil in feite een chemokuur is. Dat had de dermatoloog ook wel even mogen zeggen (Hoezo WGBO?). En hoe lang moest hij nu smeren, drie of vier weken? Na drie weken toch maar een vervolgafspraak gemaakt.
Hoewel de afspraak om 9 uur was, arriveerde de dermatoloog pas om 10 uur. De normale gang van zaken, beweerde het ondersteundend personeel. Smeer nog maar een weekje, adviseerde de dermatoloog na een blik vanuit zijn stoel op de patiënt. Het consult was nog korter dan de vorige keer.
Toen ik aangaf zijn ervaringen wel op te willen schrijven, sputterde mijn familielid tegen. Hij maakte zich zorgen over de relatie met zijn dermatoloog. Nee, dat is er echt één om te koesteren (artsen zijn toch ook voor vrije artsenkeuze?). Daarom heb ik het hem maar niet verteld.
Evert Pronk

0 reacties:
Een reactie plaatsen
<< Startpagina