Ondergrens voor diabeten ?
Afgelopen woensdag is één van de behandelarmen van de ACCORD-studie vroegtijdig gestopt (Action to Control Cardiovascular Risk in Diabetes). Verlagen van de HbA1c-waarde tot een streefwaarde van 6 procent, wat vergelijkbaar is met die van mensen zonder diabetes, bleek dodelijk. In de testgroep met intensieve behandeling overleden 257 deelnemers, tegenover 203 deelnemers in de controlegroep. De helft van testgroep bereikte een HbA1c-waarde lager dan 6,4 procent, terwijl de helft van de controlegroep een HbA1C-waarde lager dan 7,5 procent had.
De richtlijn Diabetes type 2 van het Nederlands Huisartsen Genootsschap adviseert een HbA1c beneden de 7 procent voor mensen met diabetes type 2. Zou 7 procent meteen de ondergrens moeten zijn? Zo simpel zit het niet. De kans op een hartaanval bleek namelijk kleiner bij mensen met de intensieve behandeling. Maar wanneer een hartaanval toch optrad, was hij wel fataler.
Verder waren de sterftecijfers in beide groepen relatief laag, terwijl de deelnemers aan dit onderzoek een hoog risico hadden op hart- en vaatziekten.
Buiten de vraag of het goed is om een ondergrens te stellen aan de HbA1c, kunnen we ons afvragen of het praktisch haalbaar is. De streefwaarde van HbA1c van 6 procent is in de praktijk lastig te bereiken, geven de onderzoekers zelf toe. Meestal is een flinke cocktail van medicijnen nodig, wat conclusies compliceert. Het ene orale antidiabeticum is daarbij het andere niet, ook al verlagen ze allemaal de HbA1c-waarde, de invloed op harde eindcijfers verschilt. Kijk naar rosiglitazon, dat in mei 2007 in opspraak raakte, omdat een meta-analyse in de NEJM uitwees dat de kans op hartaanvallen en beroertes toenam met 43 procent. In de ACCORD-studie was rosiglitazon niet de oorzaak van de sterfte, volgens een extra analyse van de onderzoekers. Kortom: we weten nog niet half hoe het echt zit met het verband tussen pillen, HbA1c en sterfte.
Heleen Croonen
Vragen en antwoorden over de ACCORD-trial:
http://www.nhlbi.nih.gov/health/prof/heart/other/accord/q_a.htm#results
De richtlijn Diabetes type 2 van het Nederlands Huisartsen Genootsschap adviseert een HbA1c beneden de 7 procent voor mensen met diabetes type 2. Zou 7 procent meteen de ondergrens moeten zijn? Zo simpel zit het niet. De kans op een hartaanval bleek namelijk kleiner bij mensen met de intensieve behandeling. Maar wanneer een hartaanval toch optrad, was hij wel fataler.
Verder waren de sterftecijfers in beide groepen relatief laag, terwijl de deelnemers aan dit onderzoek een hoog risico hadden op hart- en vaatziekten.
Buiten de vraag of het goed is om een ondergrens te stellen aan de HbA1c, kunnen we ons afvragen of het praktisch haalbaar is. De streefwaarde van HbA1c van 6 procent is in de praktijk lastig te bereiken, geven de onderzoekers zelf toe. Meestal is een flinke cocktail van medicijnen nodig, wat conclusies compliceert. Het ene orale antidiabeticum is daarbij het andere niet, ook al verlagen ze allemaal de HbA1c-waarde, de invloed op harde eindcijfers verschilt. Kijk naar rosiglitazon, dat in mei 2007 in opspraak raakte, omdat een meta-analyse in de NEJM uitwees dat de kans op hartaanvallen en beroertes toenam met 43 procent. In de ACCORD-studie was rosiglitazon niet de oorzaak van de sterfte, volgens een extra analyse van de onderzoekers. Kortom: we weten nog niet half hoe het echt zit met het verband tussen pillen, HbA1c en sterfte.
Heleen Croonen
Vragen en antwoorden over de ACCORD-trial:
http://www.nhlbi.nih.gov/health/prof/heart/other/accord/q_a.htm#results
