woensdag 11 juni 2008

Brieven

De vriendin die even in Nederland was, vertrok afgelopen weekend weer naar de andere kant van de wereld. ‘We mailen’, beloofden we elkaar. Helemaal van deze tijd en toch ook heel oud.
Mensen hebben sinds ze kunnen schrijven en er een enigszins geregelde postbestelling bestaat elkaar brieven en kattebelletjes gestuurd – digitaal of met een postzegel, een wezenlijk verschil is er niet.
Ik moest denken aan de brieven van de grote Amerikaanse dichteres Emily Dickinson, die ik net had gelezen. Wat moeten de mensen die ze kregen zich geluksvogels hebben gevoeld: troostrijk als haar epistels zijn, dubbelzinnig ook, soms licht spottend en altijd schitterend van vernuftige taal –ofschoon soms schier onnavolgbaar. Zo zegt haar vertaler het: ‘Iedereen kent de ervaring wel dat je gedachten ver voor liggen op je schrijven, maar bij Dickinson worden de gedachten soms op het allerlaatste moment nog net bij de staart gegrepen om hun plaats te vinden op papier’
Alsof ze een email schrijft en meteen op de verzendknop drukt.

Een voorbeeld:

Lieve vriendin,
Onze moeder is gestopt.
Ik ben er zeker van dat u bij ons bent, terwijl wij haar dierbare vorm door de Wildernis dragen.
Emily

Haar moeder is overleden.

Dickinson heeft het grootste deel van haar leven (ze overleed in 1886, 55 jaar oud) doorgebracht in haar ouderlijk huis, waar ze zich vrij letterlijk had verschanst. Dat ze desondanks in staat bleek het zieleleven van alle mensen met wie ze correspondeerde te peilen en te beroeren, in een wereld waar veel ziekte heerste en veel gestorven werd (vooral aan TBC), is een groot wonder.
Een even groot wonder is dat verpleeghuisarts en MC-columnist Bert Keizer een selectie van haar brieven onder de titel Welk een waagstuk is een brief! in prachtig Nederlands heeft vertaald.
Een weergaloze prestatie.

Henk Maassen

Labels: , , ,